MVE-dag: kick-off event
Op 23 april kwamen in Wageningen de ontwerpers en het projectteam van het Grassroots-project voor het eerst samen. Centraal stond de vraag: wat verstaan we eigenlijk onder een Minimum Viable Ecosystem (MVE)? Welke MVE definite hanteren we in het project? De dag was opgebouwd als een gedeeld ontdekkingsproces: ‘s ochtends deelden we inzichten over bestaande MVE-praktijk, waardeketenanalyse en de startmethoden van elk van de ontwerpers; ‘s middags voerden we de conceptuele discussie die aan de basis van dit artikel ligt.
Voor Grassroots markeerde deze dag dan ook een vertrekpunt: niet het moment waarop alle antwoorden klaarliggen, maar het moment waarop we besluiten van welke gedeelde taal we uitgaan. De kernbegrippen waar we een gezamenlijke betekenis aan geven zijn: ecosysteem, missie en waarde-symmetrie, waaruit ook de begrippen minimal, rol en viable volgen. Gezamenlijk geeft dit duiding aan de MVE.
Ecosysteem: Een groep van onderling afhankelijke actoren die gezamenlijk waarde creëren die geen van hen individueel kan realiseren. De groep is complementair en divers. Om deelnemer te zijn van het ecosysteem, binnen de MVE-logica, is er uiteindelijk sprake van actieve beïnvloeding: elke deelnemer heeft invloed op het ecosysteem door zijn of haar acties.
Interessante onderwerpen in de discussie waren vragen als: is een ecosysteem permanent of tijdelijk? Het werd erkend dat ecosystemen dynamisch zijn en evolueren, met andere woorden, ze gaan door verschillende ontwikkelingsfasen heen, expanderen, krimpen en reorganiseren. Hieruit leidde het gesprek naar de observatie dat systemen zelf ook in transitie zijn en dat iets eerst buiten een systeem kan staan en er later onderdeel van kan worden. Een voorbeeld hiervan zijn de buitenbeentjes (kromme groenten), die eerst duidelijk buiten het systeem vielen, maar nu steeds meer onderdeel zijn van het aangeboden voedselaanbod.
Missie: De gedeelde gewenste verandering waarvoor de actoren in het ecosysteem zich willen inzetten. Dit overstijgt het eigenbelang en vormt het gezamenlijk belang van de groep. In de MVE is de missie een belangrijke startdoelstelling en een raamwerk: zij creëert inspiratie en biedt elke actor ruimte om waarde te creëren, zodat actoren er ook onderdeel van willen zijn.
Kortom, de missie dient als motivatie voor actoren om deel te nemen aan het MVE. In het project zal de missie in eerste instantie door de ontwerper en startup samen geformuleerd worden. De drie startups in het project brengen elk een eigen vertrekpunt mee door middel van de geïntroduceerde innovatie, die als basis dient voor de missieverkenning. Dit leidde tot de initiële vragen waarop de ontwerpers zijn aangehaakt:
- Wat is de rol van reststromen, in dit geval brouwersgraan, in een duurzaam voedselsysteem?
- Wat is er nodig om voedselproductie en de stad dichter bij elkaar te brengen: hoe betrek je boeren en gemeenschappen bij een nieuwe vorm van landbouw en landschap die biodiversiteit en lokale voedselproductie versterkt?
- Wat is de rol van gras in een duurzaam voedselsysteem voor dieren, mensen en natuur?
Gedurende het project wordt onderzocht welke rol de ontwerper opneemt in deze configuratiefase en of er een rol van een kartrekker (orchestrator) nodig blijft, of dat de gedeelde gewenste verandering ervoor zorgt dat het ecosysteem zelfsturend wordt.
Waarde-symmetrie: De situatie waarin elke rol voldoende waarde ontvangt om te blijven deelnemen aan het ecosysteem.
In het ecosysteem ontstaat een waarde-symmetrie: de balans tussen het inbrengen en onttrekken van waarde. De belofte van de verandering moet voor alle actoren in het MVE groot genoeg zijn om die symmetrie te bereiken en ongelijke verhoudingen te voorkomen. Wat onder waarde verstaan wordt kan per actor verschillen, maar de verkregen waarde en de ingebrachte waarde moeten in balans zijn. De waarde is rolspecifiek en gericht op het vervullen van een behoefte.
Minimal: Het kleinst mogelijke aantal rollen en bijbehorende actoren om een ecosysteem te laten ontstaan en voortbestaan. In dit project gaan we uit van een minimum van drie rollen, omdat twee actoren een bilaterale relatie vormen, een samenwerking/ relatie, en niet een ecosysteem. Pas bij drie of meer rollen ontstaan de niet-reduceerbare multilaterale afhankelijkheden die een ecosysteem onderscheiden van een gewoon partnerschap.
We kunnen de start MVE als het ‘basisrecept’ zien, de minimale benodigde ingrediënten om er een goed gerecht van te maken. Dit gerecht kan met de tijd verrijkt worden.
Rol/ Actor: De rol kan worden gezien als de inbreng van één ingrediënt (functie), die samen met de andere rollen het smaakpalet vormt om de missie te vervullen. Een rol wordt ingevuld door een actor die een bepaalde waarde inbrengt, waarbij er gekeken wordt hoe dit invloed heeft op de keten in het systeem. De minimaal noodzakelijke rollen vormen het ecosysteem dat essentieel is voor het realiseren van de missie. Een rol beschrijft de interactie die een actor aangaat in het systeem; de kwaliteit van de inbreng is daarbij relevant. Het gaat om een gecommitteerde actie die meetbaar invloed heeft op het systeem: bijvoorbeeld alleen meekijken volstaat niet. Of één actor meerdere rollen kan vervullen, blijft een open vraag in het project; duidelijk is dat er verschillende rollen nodig zijn om tot een MVE te komen. Daarnaast kunnen de rollen ook veranderen vanwege het dynamisch-evolutionaire component van een ecosysteem.
Viable: Een MVE is “viable”, ofwel bestendig, zodra het ecosysteem voldoende waarde oplevert voor de betrokken actoren om te blijven deelnemen en nieuwe partners aan te trekken.
Bepalend voor het succes van een Minimum Viable Ecosysteem zijn de minimaal benodigde bijdragen om waarde te creëren, zodat de MVE kan groeien, nieuwe actoren willen aansluiten en er daadwerkelijk beweging in de transitie ontstaat.
Next steps
De dag heeft laten zien dat de conceptuele basis robuust genoeg is om mee aan de slag te gaan, ook al zijn niet alle begrippen en vragen uitputtend beantwoord. Juist de open plekken, zoals de vraag in hoeverre actoren meerdere rollen kunnen vervullen en over welke rollen we het hebben, zijn precies de vragen die het project gaandeweg wil beantwoorden. De volgende stap is dat ontwerpers en startups hun eigen positie in het ecosysteem identificeren, de missie van elk afzonderlijk MVE verder concretiseren en de eerste aanzet geven tot een Minimum Ecosystem. Middels de creatieve interventie willen we onderzoeken hoe ontwerpkracht tot haar recht komt in het streven naar een “viable” ecosysteem. Daarmee wordt de interventie een ijkpunt: een meetmoment om te zien in hoeverre het ecosysteem dichter bij de missie komt en zich tot een volwaardig MVE vormt. Zo verschuift het gesprek van begrijpen naar doen, en worden de begrippen uit dit artikel levend in de praktijk van de agrofood-transitie.
Overzicht met de besproken kernbegrippen:
